Anonimiseren

Presens
*onvoltooid tegenwoordige tijd
Imperfectum
*onvoltooid
verleden tijd
Perfectum
*voltooid tegenwoordige tijd
ikanonimiseeranonimiseerdeheb geanonimiseerd
jij, je, uanonimiseertanonimiseerdehebt geanonimiseerd
hij, zij, hetanonimiseertanonimiseerdeheeft geanonimiseerd
wijanonimiserenanonimiseerdenhebben geanonimiseerd
jullieanonimiserenanonimiseerdenhebben geanonimiseerd
zij, zeanonimiserenanonimiseerdenhebben geanonimiseerd