Monopoliën

Presens
*onvoltooid tegenwoordige tijd
Imperfectum
*onvoltooid
verleden tijd
Perfectum
*voltooid tegenwoordige tijd
ikmonopoliemonopoliedeheb gemonopolied
jij, je, umonopolietmonopoliedehebt gemonopolied
hij, zij, hetmonopolietmonopoliedeheeft gemonopolied
wijmonopoliënmonopoliedenhebben gemonopolied
julliemonopoliënmonopoliedenhebben gemonopolied
zij, zemonopoliënmonopoliedenhebben gemonopolied