Noordwesteren

Presens
*onvoltooid tegenwoordige tijd
Imperfectum
*onvoltooid
verleden tijd
Perfectum
*voltooid tegenwoordige tijd
iknoordwesternoordwesterdeben genoordwesterd
jij, je, unoordwestertnoordwesterdebent genoordwesterd
hij, zij, hetnoordwestertnoordwesterdeis genoordwesterd
wijnoordwesterennoordwesterdenzijn genoordwesterd
jullienoordwesterennoordwesterdenzijn genoordwesterd
zij, zenoordwesterennoordwesterdenzijn genoordwesterd